zaterdag, 16 feb 2019

Update00:00

» Op de koffie Interview Kenneth Taylor (SAMEN)
01
juli
2007

Interview Kenneth Taylor (SAMEN)

Op een vrijdagavond om half acht, een paar weken voor de federale verkiezingen van 10 juni, heb ik een afspraak met Kenneth Taylor in het gemeentehuis van Wichelen. Hij zit er op dat uur nog moederziel alleen aan zijn dossiers te werken. Gezeten aan zijn bureau met prachtig uitzicht op de Schelde beginnen we aan ons gesprek.

ImageBij de gemeenteraadsverkiezingen behaalde je de meeste voorkeursstemmen voor de lijst van Samen. Hoe komt het dan eigenlijk dat ik nu niet voor de jongste burgemeester van Vlaanderen zit?
Wel, ondanks het feit dat ik al eens kandidaat geweest ben bij de Vlaamse verkiezingen was politiek -op gemeentelijk vlak dan- toch nog altijd iets nieuw voor mij. Ik krijg hier elke dag de bevestiging voor dat je daar in moet leren. Ondanks het feit dat ik er al twee jaar mee bezig was, maar dan achter de schermen. Ik zou het dan ook een rare keuze gevonden hebben om direct alles te nemen. Maar ik heb ook wel het signaal van de kiezer begrepen en dat is ook de reden waarom ik voorzitter van de gemeenteraad geworden ben: omdat dat ook een leidinggevende functie is bij het bestuur van de gemeente.
Het is ook zo dat de burgemeester bij ons bovenaan de lijst stond en we hebben daar vertrouwen in, er zijn bij ons afspraken gemaakt waarin iedereen zich kon vinden. Het is niet zo dat ik de kans niet gehad heb. Er is zeker gezegd geweest dat ik het mocht doen. Maar ik wou zelf eerst nog wat leren en nog wat ervaring opdoen om uiteindelijk de stap te gaan zetten.

Maar is het dan niet zo dat er een afspraak gemaakt is dat jij na een paar jaar burgemeester wordt?
Die openheid is er zeker maar wij gaan zelf de evaluatie maken binnen onze partij: binnen drie jaar hebben wij een grote evaluatie gepland voor alle schepenen. Niet alleen voor de burgemeester maar voor alle schepenen. Binnen drie jaar gaan wij dat eens bekijken en dan is alles terug mogelijk. Ik ga nu nog niet zeggen dat het zo is maar alles is mogelijk.

Waarom ben je eigenlijk in de politiek gegaan? Uw vader zal daar wel een grote rol bij gespeeld hebben?
Ja, ik ben in de politiek geboren hé. Mijn vader is in 1982 burgemeester geworden en ik ben in 1981 ter wereld gekomen dus ik heb het altijd zo geweten. Maar dat is niet de motivatie. De motivatie is dat ik mij wou engageren voor de gemeente en omdat ik er enorm in geïnteresseerd ben. Dat is niet bij iedereen zo in onze familie: mijn zus heeft daar minder interesse voor.
Ik ging het waarschijnlijk mezelf kwalijk genomen hebben had ik gezegd van “ik doe niet mee” en dan achteraf kritiek geven op wat er gebeurt. Dat vind ik altijd gemakkelijk. Ik vind: als je kritiek hebt, dan moet je zelf meedoen. Ik had kritiek en dacht dat het beter kon.

Zijn er zaken die je van uw vader geleerd hebt op politiek vlak?
Hoch, dat is moeilijk. Ik denk dat ik enorm veel geleerd heb van mijn vader, gewoon door hem alle dagen bezig te zien, hoe hij het deed. Ik heb zo ook geleerd wat je niet moet doen en wat wel. En waar je beter iets minder tijd in steekt en waarin iets meer. Ja, maar dingen geleerd, … dat is moeilijk te omschrijven. Als je alle dagen in een huis leeft waar iemand als beroep aan politiek doet dan vang je gewoon zoveel op. Want bij mijn vader was dat echt zijn beroep, hij zat ook in het parlement.
Sommige dingen zijn voor mij zo evident. Bijvoorbeeld als het over bouwvergunningen of zo gaat. Omdat ik dat altijd gehoord heb bij ons thuis weet ik al vanaf mijn 15 jaar hoe dat allemaal in elkaar zit, gans die structuur. Dat is voor nieuwe politici of nieuwe gemeenteraadsleden soms heel moeilijk omdat dat allemaal nieuw is. Gewoon door rond te lopen in dat huis ving ik heel veel op.

Je hebt een opleiding voor regisseur gevolgd aan het Rits in Brussel. Vanwaar die studiekeuze?
Dat is begonnen op mijn plechtige communie. Dan heb ik mij een camera gekocht met het geld dat ik verzameld had en vanaf dan was ik eigenlijk constant aan het filmen. Niets was nog veilig bij ons thuis, alles werd gefilmd. En die passie voor filmen is altijd gebleven. Vooral de passie om te vertellen: ik heb ook altijd graag opstellen geschreven en zo. Dat is er altijd geweest. Het was zeker niet de normaalste zaak binnen onze familie om te kiezen voor een opleiding als regisseur maar na de humaniora wou ik graag die richting uitgaan.
En toen ben ik, op zo één van die beurzen die je bezoekt als je in het humaniora zit, een stand tegengekomen van het Rits. Dan ben ik naar twee opendeurdagen geweest: één van het Rits en één van Sint-Lucas, en ik voelde mij het best thuis bij het Rits. Ik ben nogal iemand die zijn gevoel volgt. En als mijn gevoel zegt “hier voel ik mij goed”, dan ga ik daar ook voor. Ik wou graag werken met beelden, dat boeide mij enorm.

Wat moet een regisseur precies doen?
Een regisseur heeft eigenlijk de leiding op een opnameset. Je hebt twee mensen bij opnames. Ten eerste heb je de productie: dat zijn zij die het financiële beheer doen. En dan heb je de regisseur, die is bezig met het creatieve: met de beelden, hoe je iets verteld. Hij zit ook bij de montage. Soms schrijft hij ook het scenario maar dat hoeft niet, je hebt ook scenaristen daarvoor. Een regisseur is bezig met een scenario om te zetten in beelden. En hij moet dat dan ook in de montage aan een monteur overbrengen.

Dan ben je ook baas over wat de acteurs moeten doen ? Zo van; jij moet daar staan en jij daar?
‘Baas’ vind ik nogal een groot woord. Het is wel de gewoonte dat je een acteur ook veel vrijheid geeft in zijn spel. Op een manier klopt het wel wat je zegt maar ik heb dat nog nooit gezien als ‘baas zijn’. Je hebt een beetje de creatieve leiding en je hebt uw beeld waar je naartoe wilt. En dat moet je aan alle mensen op de set op een juiste manier kunnen overbrengen. De tijd van de regisseur die zei: ‘zo moet het’, die dag is al gepasseerd. Nu is het zo dat je in samenspraak met de mensen tot uw idee komt.

Je werkt nu bij Woestijnvis als regisseur. Hoe ben je daar eigenlijk terechtgekomen? Ik kan mij wel voorstellen dat het een droom is van veel jonge gasten die afstuderen als regisseur.
Ja, dat kan ik mij ook wel voorstellen…
Het is zo dat er op het einde van het jaar bij het Rits er altijd een ‘Open Rits’ georganiseerd wordt. Dat is het moment dat alle eindwerken getoond worden. Mijn eindwerk zat in de reeks van de selectie die vertoond werd in de grote zaal. Er zijn ook nog een aantal kleine zalen waar alle eindwerken vertoond worden maar ze maken een selectie.
Er komen hier ook mensen naar kijken van Woestijnvis. Het is zo dat Woestijnvis eigenlijk in de loop van hun laatste jaar alle studenten van de afdeling televisie van het Rits uitnodigt voor een gesprek. Dat is geen sollicitatiegesprek: het is een gesprek dat ze willen hebben omdat ze willen weten met wie ze te doen hebben. Ze zijn dan ook komen kijken naar de eindwerken en die man die zich daarmee bezighield was er precies nogal van overtuigd dat ze mij moesten hebben.

ImageAan welke programma’s heb je dan al meegewerkt?
Mijn eindwerk was ook nogal absurde humor en zo ben ik begonnen bij Neveneffecten. Dat is een stand-up comedy clan van Gent, waartoe onder andere Jonas Geirnaert behoort, die met zijn kortfilm ‘Flatlife’ gewonnen heeft in Cannes. Die maakten toen een programma voor Canvas: Neveneffecten. Daar ben ik begonnen als regisseur. Ik heb er de drie laatste afleveringen mee geregisseerd en de laatste echt alleen geregisseerd. Er waren al stukken geregisseerd van voor ik bij Woestijnvis werkte.
Dan ben ik naar de Laatste Show gegaan waar ik een rubriek deed met Martin Heylen. Het is zo dat ik een regisseur ben die verspringt van programma naar programma; je hebt ook regisseurs die vaststaan bij een programma. Ik doe vooral fictie.
Daarna ben ik eventjes bij Man Bijt Hond gaan inspringen. Daar heb ik vorig jaar de begingeneriek gedaan met die stier in het water.
Dan heb ik dit jaar Willy’s en Marjetten gedaan, terug met Neveneffecten en met Bart De Pauw. En nu is het iets kalmer en ben ik terug voor Man Bijt Hond aan het werken. Ik ben ook met nieuwe programma’s bezig maar daar mag ik eigenlijk niks over zeggen. Dat is beroepsgeheim. (grijnst)

Er werd daar wel veel afgelachen zeker, tijdens die opnames van Willy’s en Marjetten?
Ja inderdaad, maar het was ook wel keihard werken want het was tegen de klok op. Op een bepaald moment waren we in de week de opnames aan het maken die de zondag op TV kwamen. In het begin ging het nog, want dan hadden we nog veel ‘op de plank’ liggen zoals wij dat noemen, maar tegen het einde was het echt een race tegen de tijd. Maar het is gelukt hé (lacht). Het is een programma dat niet iedereen graag ziet maar ik denk dat er toch een publiek voor was.

Heb je naast uw job als regisseur en de politiek eigenlijk nog tijd voor andere dingen?
Weinig, weinig. Ik moet zeggen: de combinatie vraagt wel enorm veel tijd en als ik dan wat ademruimte heb is het om eens iets te gaan eten en om eens op het gemak te genieten. Het is niet zo dat er nog veel overschiet. Ik ben thuis met verbouwingen bezig geweest en daar kruipt ook veel werk in. Ik heb niet echt veel tijd meer voor andere hobby’s.

Ik heb op de site van uw kortfilm iets gelezen van uw Britse grootvader die in Vlaanderen een meisje leren kennen had. Vertel daar eens wat meer over…
Wel, mijn grootvader was een soldaat bij het Engelse leger in de Tweede Wereldoorlog die België komen bevrijden zijn en hij heeft mijn grootmoeder leren kennen in Serskamp. Hij is hier achtergebleven voor zijn liefde… Ze zijn ook nog twee jaar in Londen gaan wonen maar mijn grootmoeder kon het daar totaal niet gewoon worden. Ja, als je dat vergelijkt; het kleine Serskamp van hier en het grote Londen van die tijd. Uiteindelijk zijn ze dan terug naar Serskamp gekomen en dan is mijn vader hier geboren, en zo is de geschiedenis verder gegaan hé… Dus mijn grootvader was een Engelse soldaat.

ImageWat zijn voor u momenteel de prioriteiten binnen onze gemeente?
Eerst en vooral: voor mijn doelgebied, jeugd en cultuur, ben ik nu bezig met een nieuw project. Een jeugdcentrum. Ik ben daar al vijf maand mee bezig. Nu is het op de gemeenteraad goedgekeurd om tot het aanstellen van een architect over te gaan. Dat is het project waar ik de laatste maanden zwaar aan gewerkt heb. Het is de bedoeling dat er een jeugdcentrum komt waar het speelplein, de chiro, maar ook onze jeugddienst in zal ondergebracht worden. En dat de bedoeling heeft om echt een centrum te zijn voor de jeugd waar er zowel repetitielokalen zouden komen als een plek waar de jeugd op internet zou kunnen. We gaan kijken wat er zo ruim mogelijk met dat gebouw zou kunnen gedaan worden.
En ten tweede vind ik het enorm belangrijk om naar een structuurplan te gaan als gemeente, want we hebben nog altijd geen structuurplan. We zijn één van de weinige gemeenten in Vlaanderen die nog geen structuurplan hebben. Ik vind het enorm belangrijk om dringend eens na te denken over dat structuurplan en een visie uit te werken voor onze gemeente, voor de volgende 30 jaar zal dat waarschijnlijk zijn. Omdat dat toch heel belangrijk is voor alles wat we nog willen doen op onze gemeente.
En voor de rest denk ik dat er nog zoveel zaken zijn die we willen doen maar de jaren zullen te kort zijn denk ik.

Op 10 juni kom je op voor de Open VLD bij de federale verkiezingen. Hoe ver reiken je politieke ambities?
Tja, politieke ambities. Ik denk: als je kandidaat bent dan ben je kandidaat hé, anders moet je niet op een lijst gaan staan. Ik ben blij dat de VLD mij gevraagd heeft; Karel (De Gucht nvdr) heeft mij daarvoor gebeld en ik denk dat ik mijn partij daarmee kan steunen. Hoever reiken mijn politieke ambities? Dat zal een beetje afhangen van de uitslag van de verkiezingen denk ik…

Karolien