zondag, 21 apr 2019

Update00:00

» In the spotlight Interview: Bij Katelijne
01
nov
2006

Interview: Bij Katelijne

Dinsdag 15 augustus. Vandaag zijn we te gast bij Katelijne Van der Eecken, uitbaatster van het nieuwe gastronomische restaurant “Bij Katelijne” op het Oud Dorp te Wichelen.
Nadat ik onze fotograaf Nik de weg wijs naar het correcte adres, worden we binnen gelaten door Pierre, de echtgenoot van Katelijne. Tot onze verbazing ligt het restaurant op de eerste verdieping, waar ons een aangename verrassing wacht : amper drie dagen voor de opening ligt alles al piekfijn klaar, wat veeleer uitzonderlijk is, maar onze blik wordt vooral aangetrokken door het prachtige uitzicht…
(nvdr. intussen is het restaurant herschikt. Tafelen gebeurt op het gelijkvloers. Er is ook een prachtig terras)

Katelijne, om maar meteen met de deur in huis te vallen, hoe ben je hier in Wichelen beland?
We woonden vroeger allebei niet ver van de Schelde in Sint-Amandsberg (Gentbrugge), waar we een mooi zicht hadden op de Schelde. Op een zeker moment dachten we, waarom zouden we niet iets kopen? We hadden geen tuin, en dat misten we enorm. Op een avond zaten we te zoeken op internet en we vonden een vijftal interessante adressen in Wichelen, Serskamp en Bruinbeke.

Image

Blijkbaar zochten jullie wel iets in de gemeente Wichelen?
Neen, niet echt. Hier was het vooral het fotootje op het internet dat ons interesseerde. Dat huis, met die tuin en vooral het zicht op de Schelde. We zijn dan op een zaterdag komen kijken en dat was eigenlijk onmiddellijk min of meer beslist. Alleen, dit huis stond in een erbarmelijke staat. We dachten op dat moment dat de achterbouw alleen goed was om af te smijten. Voor ons was het belangrijk iets te kopen wat we zelf nog konden opknappen. We hebben dan toch ook nog alle andere adressen in de streek bekeken. Eentje aan het schooltje in Bruinbeke, een ander was piepklein en uiteindelijk bleef dit huis toch het enige dat ons beviel. We zijn nog twee keer komen kijken en hebben het huis gekocht. Het bleek het enige dat ons echt beviel, en we hebben dan ook zo snel mogelijk de knoop doorgehakt.

Hoe bevalt het je hier in onze gemeente?
We wonen hier nu sinds 1 september 2003 en ondertussen hebben we leren houden van Wichelen. In het begin had ik wel het gevoel of de indruk dat de mensen me een beetje bekeken als een soort “indringer”, een vreemdeling.
Toch is hier een aangename sfeer en een toffe mentaliteit als het ijs gebroken is. Aan de taal was het even wennen. Er zijn bv. heel veel typische schuif- en sisklanken, bv. Serskamp wordt heel anders uitgesproken dan het geschreven is : “cherchkamp”, maar dat weten jullie veel beter dan wij denk ik! 
In het begin dat we hier woonden gaf ik steeds op als adres “het Dorp in Wichelen”. Omdat de mensen dan bijna altijd vragen : “In Schellebelle op ‘t Dorp of op het Oud Dorp?”,  heb ik intussen wel geleerd dat ik Oud Dorp moet zeggen. Officieel noemt het hier wel Dorp, maar doordat Schellebelle ook een Dorp heeft is er nogal vaak verwarring. Ook met De Post hebben we hierdoor al problemen gehad. Dat vind ik eigenlijk een negatief punt van Wichelen. Men had dat hier Oud Dorp moeten noemen. Ik zal onze burgemeester hierover eens moeten aanspreken. Hij is trouwens een naamgenoot van mij. Mijn grootvader was van Lembeke-Kaprijke, ’t Meetjesland, maar ik denk niet dat we familie zijn.
Verder is de Schelde een ongelofelijke troef hier. Een paar keer in de week gaan we wandelen of fietsen langs de Schelde, dat brengt mij tot rust en geeft inspiratie en ideeën voor de keuken. De lente, de winter, alles heeft zijn eigen charme. Ik hou ook enorm van de winter, al ben ik een heel koude mus. Maar in de winter, als ‘t buiten slecht is, in de warmte genieten van een goed glas wijn, dat is gewoon zalig. Een optrekje in Italië of Sardinië om te gaan overwinteren, dat is een droom voor een verre toekomst..

ImageWanneer groeide het idee om hier een restaurant te beginnen?
Dat is raar gekomen. Eerst hebben we hier zes maanden gewoond zonder iets te veranderen, vooral om te kijken wat we er wilden van maken. Heel snel kwam het idee om beneden te slapen en boven te wonen. Hier boven heb je echt een formidabel zicht op de Schelde en de achterliggende velden. Daar wilden we dan ook zo veel mogelijk van genieten. Ik heb in Gent vijftien jaar lang een toprestaurant uitgebaat, door mijn scheiding was ik er een beetje uit, en ik miste heel erg de sfeer van het restaurant. Hier hadden we enkele troeven: de ruimte, het uitzicht, … uiteindelijk hakten we de knoop door en namen  we een koen besluit : in augustus 2006 moet  de deur open, zeiden we dus in de winter van 2005. Wichelen is goed gelegen, niet te ver van Gent, Wetteren, Aalst, Dendermonde. Echt ver is het allemaal niet.
Kwestie van vervoer is Wichelen wel wat minder, maar het is wel centraal gelegen: Gent, Wetteren, Aalst, Dendermonde, Brussel, Antwerpen. Echt ver is het allemaal niet.


Als ik het goed begrijp, was dit eigenlijk jullie dagelijkse woonruimte ?
Ja, we hebben de hele inrichting van het huis grondig omgewerkt en verbouwd. De ruimte is er heel goed voor geschikt : we hebben bewust gekozen voor een klein gezellig restaurant met huiselijke en warme sfeer.

Een vrouw als chef in de keuken van een restaurant, dat zie je niet zo vaak !
Inderdaad ! Weet je, twee films waar ik enorm van hou, zijn Le diner de Babette en Chocolat. De lezers die deze films niet kennen,  moeten ze zeker eens bekijken bij gelegenheid. Ze gaan allebei over vrouwen met karakter die via hun kookkunsten hun omgeving positief beïnvloeden. Daar kan ik mij in vinden : een lekker diner waar mijn gasten van genieten, dat is voor mij de mooiste beloning. Ik wil dat de gasten zich hier thuis voelen en een mooie herinnering aan een fijne avond of namiddag blijven bewaren. Dat is allemaal eigenlijk van kleins af gegroeid. Mijn grootmoeder langs vaders kant was een echte keukenprinses, al heb ik ze jammer genoeg nooit gekend. Mijn moeder had het ook in zich. Als klein kind hielp ik haar altijd mee en leerde gaandeweg vele van haar keukengeheimpjes.

Je hebt als kok ook wel al wat bewezen. Vermeldingen in de Michelingids, de gids Henri Lemaire, jurylid, …
In de periode dat ik in de Gouden Klok werkte, hebben we, ik denk gedurende 5 jaar, drie rode couverts gehad in de Guide Michelin. Dat is een hele eer. In de Henri Lemaire gids werd ik “la pétillante rouge” genoemd en haalden we een score van 72 of 74 op 100. Mijn bijnaam hoeft geen verdere uitleg, lacht Katelijne. De Michelingids hanteert onder de gekende sterren ook een schaal in couverts. Deze couverts worden toegekend voor de keuken, interieur, inrichting, vriendelijkheid en ontvangst. Voor een mooi gebouw, zoals de Gouden Klok, in één van de mooiste panden van Gent, kan je bijvoorbeeld al één rode couvert krijgen. Voor oprechte vriendelijkheid en bediening met klasse, kan je een tweede rode couvert krijgen. Eens je drie rode couverts hebt, kan je naar een ster gaan. Indien het interieur maar middelmatig is, maar de keuken fantastisch, kan je ook een zwarte couvert krijgen. Couverts zijn dus een beloning voor zowel zaal als keuken. Ik heb inderdaad ook nog in de jury gezeten bij hotelscholen. Iets wat alles behalve makkelijk is.

 

Image
bron foto: onbekend

Welke keuken ga je hier “Bij Katelijne” brengen?
Ik breng elke week een ander menu, in de stijl van de goede, klassieke, Franse keuken met een licht Italiaanse touch. Italië is een land dat mij aan het hart ligt, en ik spreek trouwens ook vloeiend Italiaans. Ik werk enkel met verse producten en maak alles zelf. Brood, aperitiefhapjes, koekjes voor bij de koffie, … het is allemaal huisbereid. Onze diepvriezer wordt dan ook enkel gebruikt voor het zelfgemaakt roomijs en de ijsblokjes. Ik wil jullie wel al verklappen wat de specialiteiten worden. Als voorgerecht is dat verse zelfgemaakte ganzenleverpastei met oude Portwijn, voor het vleeshoofdgerecht zijn dat kalfszwezerikjes geserveerd met kreeft en gestoofde prei in blanke botersaus. In de winter ga ik dan weer voor een stoofpotje van haas klaargemaakt op ouderwetse wijze. Ik heb ook Lotte Katelijne, dat is een lotte met gefruite prei en een sausje op basis van grijze garnaaltjes. Om af te sluiten zijn er uiteraard verschillende desserts, maar de specialiteit is toch pannenkoekjes met gekaramelliseerde kriekjes en huisgemaakt vanille-ijs. En als er honing in de gerechten moet, dan komt die van onze bijenkorven : Pierre is amateur-imker en daar help ik hem dan in mee als er moet geslingerd worden. Ik breng enkel gastronomische keuken, maar tegen een abordabele prijs. Wij eten zelf graag en lekker, en dat liefst elke dag, maar voor mijn gasten moet  het zo mogelijk nog beter zijn.

 

Als je zo kritisch bent voor jezelf, dan ben je dat wellicht ook voor de concurrentie?
Ik probeer altijd van de concurrentie iets bij te leren, en ik ben er zeker niet beducht voor, wel integendeel. Concurrentie werkt stimulerend, brengt leven in de brouwerij en daar vaart iedereen wel bij. Laat mij besluiten met een boutade : mettertijd wil ik bereiken dat Wichelen op de gastronomische kaart van Vlaanderen gezet wordt dankzij mijn restaurant.

woord: koen | beeld: nik